Plusgroep Daarle - Daarlerveen

Sinds het schooljaar 2012-2013 zijn De Veenbrug en De Ark samen een plusgroep begonnen voor leerlingen van groep 6 t/m 8.
Deze plusgroep wordt begeleid door Anne Roelofs op De Ark.
De leerlingen zijn heel enthousiast over de bijeenkomsten en er is hard gewerkt aan digitale werkstukken en de presentatie voor de ouderavond.
Daarnaast worden er ook proefjes gedaan en zijn de leerlingen bezig geweest met het ontwerpen van een eiland.
Vooraf hebben de leerkrachten op onze school de quick-scan hoogbegaafdheid ingevuld in het DHH (Digitaal Handelingsprotocol Hoogbegaafheid), zodat hoogbegaafde leerlingen goed gesignaleerd kunnen worden.
We zijn heel trots dat we ook voor deze leerlingen kunnen zeggen: “Ieder kind telt!”

Plusgroep De Bongerd

Als uitwerking van ons beleid m.b.t. hoogbegaafdheid werken we op de Bongerd momenteel met drie plusgroepen (onderbouw-midddenbouw-bovenbouw)  De lessen van de plusgroepen worden regelmatig gegeven door de IB-ers Ans de Gooijer en Dini Klein Meulekamp én door Judith Kampman ( ortho-pedagoog en ouder van de Bongerd).
Soms wordt er enthousiast  gewerkt aan een (digitaal) werkstuk of een presentatie. Een andere keer  worden er proefjes gedaan of wordt er gebouwd met constructiemateriaal.
I.v.m. de doorgaande lijn zijn we ons momenteel aan het oriënteren op methodisch materiaal. Dit om  structureel meer aandacht te kunnen geven aan plusgroepkinderen in de groep.

Tijdens scholingsbijeenkomsten hebben alle leerkrachten gewerkt met de quick-scan hoogbegaafdheid, zodat hoogbegaafde leerlingen goed gesignaleerd kunnen worden. Ook zijn leerkrachten geschoold In het omgaan met het Digitaal Handelingsplan Hoogbegaafdheid(DHH). Dit DHH wordt in alle groepen ingezet als er vermoedens zijn van hoogbegaafdheid.
Afhankelijk van de uitkomsten van dit DHH wordt een plan van aanpak geschreven. Dit kan leiden tot versnelling, compacting en verrijking of een combinatie hiervan.
De kinderen die deelnemen aan de plusgroepen zijn geselecteerd door de leerkrachten, maar op advies van IB-ers toegelaten. We hanteren in principe een CITO-score van A+ op meerdere onderdelen, voordat men toegelaten wordt tot de plusgroep.

Bovenschoolse plusgroep

Waarom een plusgroep?
Stichting ‘Ieder kind telt’ vindt het belangrijk dat alle leerlingen passend onderwijs krijgen, dus ook de (hoog)begaafde kinderen. Binnen de stichting is beleid geformuleerd dat erop gericht is scholen te stimuleren hun onderwijs zodanig in te richten dat ook deze leerlingen op hun eigen niveau uitgedaagd en gestimuleerd worden. Dat moet voor een groot deel in de basisscholen van deze leerlingen gebeuren, maar voor sommige leerlingen is dat nog onvoldoende. Voor deze leerlingen vindt extra uitdaging plaats in de vorm van een bovenschoolse plusgroep. Doel van de plusgroep is enerzijds om meer uitdaging te bieden op het cognitieve vlak, anderzijds om ‘slimme’ leerlingen met elkaar in contact te brengen en met elkaar samen te laten werken zodat er ook aan sociale, emotionele en reflectieve vaardigheden gewerkt kan worden. 

Hoe kan ik als basisschool deelnemen?
De deelnemende basisscholen vinden het belangrijk om zo vroeg mogelijk in de schoolloopbaan te signaleren of een leerling eventueel hoogbegaafd zou kunnen zijn. Dan kan er vanaf het allereerste begin adequaat op ingespeeld worden. Allereerst natuurlijk in de eigen groep. De scholen hebben hiervoor een aantal uitgangspunten vastgesteld:

  • De leerkrachten van elke deelnemende school moeten op de hoogte zijn van de kenmerken van hoogbegaafde leerlingen, van onderpresteerders en van de twee modellen mbt hoogbegaafdheid.
  • De intern begeleider van de deelnemende scholen moeten kunnen werken met het Digitaal Handelingsprotocol.
  • De leerkrachten van elke deelnemende school moeten op de hoogte zijn van de werking van het digitaal handelingsprotocol.
  • Elke school neemt standaard jaarlijks als groepssignalering de Quickscan af in de groepen 1, 3 en 5.  
  • De leerkrachten van elke deelnemende school moeten in staat zijn om, naast de verrijking die geboden wordt in de vorm van de plusgroep, ook begeleiding te bieden in de moedergroep in de vorm van compacten en verrijken. Deze afspraken zijn ook vastgelegd in een beleidsplan of protocol (hoog)begaafde leerlingen.
  • Voor leerlingen uit de eerste en tweede leerlijn die heel specifieke onderwijsbehoeften hebben, die afwijken van de behoeften van het bovenste niveau van het groepsplan, dient een leertrajectkaart en een begeleidingstrajectkaart ingevuld te worden.
  • De scholen moeten in staat zijn om formatie in te leveren om deel te kunnen nemen aan de plusgroep. Continuïteit en kwaliteit van de plusgroep moet gewaarborgd blijven. de

Als een school aan deze uitgangspunten voldoet of wil voldoen kan de school dat aangeven bij de Stichting.

 Welke basisscholen nemen deel?
Deelnemende basisscholen (allen vallend onder het bestuur van Stichting ‘Ieder kind telt’):

  1. Prinses Beatrixschool
  2. Talentrijk
  3. De Es
  4. De Meander
  5. Jan Barbier
  6. De Schaapskooi
  7. Prinses Marijkeschool

 Welke groepen betreft de plusgroep?
In totaal draaien er vijf plusgroepen op twee niveaus:

  • Groep 5/6 A en groep 5/6 B voor leerlingen uit groep 5 of 6
  • Groep 7/8 A, B, C en D voor leerlingen uit groep 7 of 8

Enkele feiten rondom de plusgroep?

?          In totaal draaien er vijf plusgroepen: 2 groepen 5/6 en 3 groepen 7/8.
?          We gaan uit van maximaal 12 leerlingen per groep
?          Elke groep heeft 1x per 14 dagen een plusgroepbijeenkomst (zie schema).
?          De plusklas duurt de hele woensdagochtend
?          Elke groep heeft 1 plusgroepleerkracht.
?          De plusgroepbijeenkomsten vinden plaats op de volgende locaties:
            Talentrijk, De Es en De Meander. 

Uitgangspunten plusgroep

De plusgroep heeft verschillende uitgangspunten:

?          Contacten met ontwikkelingsgelijken mogelijk maken
?          Interesse in school en leeractiviteiten laten behouden
?          Leren leren staat centraal; ervaren van het feit dat je ergens moeite voor moet doen en
            niet alles gelijk kunt snappen en oplossen.
?          Gericht werken aan leerstrategieën (formeel leren).
?          Verbeteren van sociale vaardigheden.

Rekening houden met de belangstelling van het kind.

In de plusklas wordt de leerstof uitgebreid, verbreed en verdiept en soms ook gekoppeld aan eigen interessegebieden. Soms werken de leerlingen individueel aan een project, maar vaker wordt er gezamenlijk aan een project gewerkt. Elk project kent een duidelijk einde. Er wordt bijvoorbeeld een presentatie gehouden. Dit kan in de vorm van een verslag, een muurkrant, een tentoonstelling, een spel of een spreekbeurt. De presentatie kan plaatsvinden in de plusgroep maar ook in de eigen klas.

De taak van de leerkracht is anders dan in reguliere groepen. De taak is meer van organisatorische en begeleidende aard. De leerkracht moet denkprocessen stimuleren (de kinderen leren leren), zelfstandigheid van de kinderen vergroten, goede feedback geven en de leerlingen ook ruimte geven om te kunnen reflecteren op zijn of haar eigen handelen. Binnen de plusgroep zal ook nadrukkelijk aandacht zijn voor de sociale en emotionele ontwikkeling van de kinderen.

Programma van de plusgroep
Het programma wordt samengesteld door de plusgroepleerkrachten, waarbij gebruik gemaakt wordt van de expertise van een extern deskundige en van CSG Reggesteyn. Er wordt projectmatig gewerkt. Gemiddeld duurt een project vier tot vijf ochtenden. Bij het opzetten van de projecten wordt gebruik gemaakt van de eisen waar opdrachten voor hoogbegaafde leerlingen aan moeten voldoen, het Tasc-model en van de taxonomie van Bloom.

Welke kinderen komen in aanmerking?
Alle basisscholen binnen de stichting signaleren (hoog)begaafde leerlingen middels het Digitaal Handelingsprotocol (Hoog)begaafdheid (DHH). Hiermee wordt niet vastgesteld of een leerling hoogbegaafd is, maar wel of er in meer of mindere mate kenmerken van begaafdheid bij de leerling gezien worden. Middels het DHH wordt bepaald of leerlingen een aanbod richting de eerste (mindere mate kenmerken) of tweede leerlijn (veel kenmerken) moeten krijgen. Leerlingen die een aanbod volgens de tweede leerlijn moeten krijgen, worden in principe toegelaten tot de bovenschoolse plusgroep. De aanmeldingen voor de plusgroep lopen via de intern begeleider van de betreffende scholen. Aanmeldingen worden doorgesproken met de coördinatiegroep, waarna al dan niet een definitieve toelating volgt. Leerlingen die worden toegelaten worden twee keer per jaar besproken om te kijken of de plusgroep voldoende bijdraagt aan de ontwikkeling van de leerling. Is dit niet het geval dan zal na overleg met intern begeleider, ouders en groepsleerkracht deelname worden stopgezet.